U bevindt zich op: Home › Onderwerpen
Het Agentschap heeft bij de uitvoering van de taak als schuldmanager te maken met verschillende risico’s, zoals renterisico, kredietrisico, valutarisico, concentratierisico, settlementrisico, juridisch risico en operationeel risico. Hieronder wordt besproken hoe wordt omgegaan met een aantal van deze risico’s.
Het risicobeleid van het Agentschap is gericht op het tegen zo laag mogelijke kosten financieren van de staatschuld, gegeven een aanvaardbaar renterisico voor de begroting. Sinds 2008 wordt er gebruik gemaakt van een benchmark als stuurvariabele voor het risicomanagement. Deze benchmark geeft aan hoe het Agentschap zich zou moeten financieren. Het beoogde resultaat is transparant beleid en efficiënte financiering. Voor de periode 2008-2011 was een 7-jaars gecentreerde portefeuille als benchmark vastgesteld. Het 7-jaars punt op de rentecurve wordt voor het Agentschap gezien als de optimale trade-off tussen kosten en risico. In de benchmark worden continu (dagelijks) 7-jaars obligaties uitgegeven. In de praktijk wijkt de financiering echter af van wat de benchmark voorschrijft, ook voor wat betreft de inzet van instrumenten. Uitgiftebeleid en risicomanagement worden door het Agentschap in beginsel los van elkaar gezien. Door het gebruik van renteswaps kunnen uitgiftebeleid en risicomanagement gescheiden worden. Swaps maken het mogelijk om het renterisico te sturen. Het renterisico is in beginsel onafhankelijk van de looptijden van het uitstaande schuldpapier. Voor meer informatie over de achtergrond en werking van de benchmark en over de resultaten van de benchmark zie de links onderaan deze pagina.
Voor de periode 2012-2015 is de 7-jaars gecentreerde portefeuille als benchmark gecontinueerd, met als nieuw element de mogelijkheid om af te wijken van het risicoprofiel van de benchmark. Hoofdstuk 4 van de Outlook 2012 geeft uitgebreide informatie (zie hieronder).
Kredietrisico is het risico dat een tegenpartij niet aan de contractuele verplichtingen kan voldoen. Het Agentschap staat bloot aan kredietrisico wanneer het overtollige gelden tijdelijk uitzet bij marktpartijen. Om dit risico te minimaliseren worden strenge eisen gesteld aan de kredietwaardigheid van deze partijen. Marktpartijen moeten voldoen aan minimale ratingeisen. Daarnaast wordt het kredietrisico beperkt door zo min mogelijk ongedekt en niet voor langere periodes uit te zetten. Dit betekent dat er bij voorkeur gebruik wordt gemaakt van buy-sell-back transacties (gedekte deposito’s) waarbij onderpand in de vorm van staatsobligaties bij het Agentschap wordt gestort. Mocht de tegenpartij, om welke reden dan ook, niet aan zijn verplichtingen kunnen voldoen dan kan het Agentschap dit onderpand te gelde maken. De kredietcrisis heeft geleid tot een verdere aanscherping van de regels. Zo mag bij de meeste tegenpartijen nog maar maximaal voor één dag ongedekt geld worden uitgezet. Daarnaast doet het Agentschap meer dan voorheen zaken met overheidsschuldbeheerders uit andere landen.
Ook bij rente- en valutaswaps loopt het Agentschap kredietrisico. Om dit kredietrisico op te vangen kunnen alleen swaps afgesloten worden met Primary Dealers en Single Market Specialists die voldoen aan minimale ratingeisen, mits met hen een ISDA-overeenkomst (International Swap & Derivatives Association) inclusief CSA (Credit Support Annex) is afgesloten. Gedurende de looptijd van de swaptransactie wordt door de tegenpartij onderpand gestort wanneer de marktwaarde van de swap – die dagelijks gevolgd wordt – voor het Agentschap positief is. De Nederlandse Staat stort zelf geen onderpand bij tegenpartijen.
Wanneer er veel risico geconcentreerd is bij één of een klein aantal tegenpartijen zijn de gevolgen wanneer er iets mis gaat logischerwijs groter dan wanneer het risico is verspreid over een groot aantal partijen. Bij het Agentschap wordt het concentratierisico beperkt door het vaststellen van kredietlimieten. Deze limieten bepalen hoeveel en door middel van welke instrumenten er maximaal bij een tegenpartij mag worden uitgezet (maximale exposure). De hoogte van de limiet is o.a. afhankelijk van de credit rating en de omvang van de tegenpartij.
Naast uitgiftes in euro geeft het Agentschap ook (beperkt) uit in vreemde valuta. Commercial Paper uitgegeven in euro’s, Amerikaanse dollars, Britse ponden en Zwitserse francs. Eveneens heeft het Agentschap in de Outlook 2010 aangekondigd een obligatie-uitgifte in Amerikaanse dollars te overwegen, op voorwaarde dat hierdoor de financieringskosten kunnen worden verminderd. Alle uitgiftes in vreemde valuta’s worden geswapt naar euro’s, zodat het Agentschap gevrijwaard blijft van valutarisico en de financieringslasten in euro’s bij het aangaan van de transactie vastliggen.
29-12-2011
|
PDF bestand, 690 Kb
30-03-2010
|
PDF bestand, 167 Kb
Hoofdstuk uit de Outlook 2008.
30-03-2010
|
PDF bestand, 56 Kb
Artikel uit het kwartaalbericht over de prestatie t.o.v. de benchmark in 2008.
01-06-2011
|
PDF bestand, 90 Kb
Een toelichting op de resultaten ten opzichte van de benchmark over het jaar 2010.
30-03-2010
|
PDF bestand, 320 Kb
Een presentatie over onder andere risicomanagement.
05-11-2009
Link naar de begroting.
05-11-2009
Link naar het Jaarverslag.