U bevindt zich op: Home › Onderwerpen Huidig dossier: Schatkistbankieren
Een ministerie heeft een rekening-courant bij het ministerie van Financiën en tenminste één reguliere bankrekening.
Nee, het betalingsverkeer is Europees aanbesteed door het ministerie van Financiën, voor de hele rijksoverheid. Door deze aanbesteding is op dit moment de Rabobank huisbankier voor de ministeries. Hierop zijn twee uitzonderingen: Belastingdienst (Postbank) en het buitenlandse betalingsverkeer van Buitenlandse Zaken (Fortis).
De bij het ministerie van Financiën en bij de Rabobank aangemelde tekenbevoegden mogen de rekeningen gebruiken.
Het gebruik van bankrekeningen is te beperken door het instellen van een debetlimiet. Een ministerie bepaalt zelf de hoogte van de debetlimiet. Geadviseerd wordt om de debetlimiet zo vast te stellen dat het normale betalingsverkeer doorgang kan vinden.
De rekening-courant is een rekening die een ministerie aanhoudt bij het ministerie van Financiën. Deze rekening geeft de onderlinge financiële verhouding weer tussen een ministerie en het ministerie van Financiën. Op deze rekening worden o.a. de mutaties van de bankrekeningen verwerkt. Dit is de enige rekening die, na saldoregulatie van de bankrekening(en), een saldo heeft.
Saldoregulatie is het saldo van de bankrekening op nul stellen door afroming of aanvulling. Het saldo van de bankrekening gaat, al dan niet via een draairekening, over naar de concernrekeningen van het Rijk.
Een draairekening is een administratieve rekening waarop de saldoregulatie van de verschillende onderliggende bankrekeningen plaats vindt. Het saldo van de draairekening wordt gereguleerd naar de concernrekening van het Rijk.
Een concernrekening, ook wel paraplurekening genoemd, is een rekening van het rijk. Het is een administratieve rekening waarop de regulatie van de onderliggende (draai)rekeningen plaats vindt. Het saldo van de concernrekening wordt gereguleerd naar de schatkistrekening bij De Nederlandse Bank.
De eigen bankrekening(en) van een ministerie vormt een blok met een eigen draairekening.
De structuur is dat gebruik wordt gemaakt van één rekening-courant in combinatie met één of meerdere bankrekeningen.
Voor iedere aanvraag c.q. wijziging dient per bankrekening het rekeningmutatieformulier Rabobank ingevuld te worden. Dit formulier wordt met de benodigde bijlagen aan de directeur FEZ van uw ministerie aangeboden. Na ondertekening door DFEZ wordt het formulier naar het ministerie van Financië n/CKB gestuurd. Het ministerie van Financiën zorgt dat het formulier bij de Rabobank komt.
Gezien de benodigde verwerkingstijd bij het ministerie van Financiën en de Rabobank plus de terugmelding die plaats vindt, dient het mutatieformulier zo spoedig mogelijk, maar het liefst een maand voor de datum van ingang, bij het ministerie van Financiën aanwezig te zijn. Bij een kortere periode wordt wel gestreefd om de mutatie op de gewenste datum te laten ingaan, maar wordt dit niet gegarandeerd.
Voor iedere aanvraag c.q. wijziging dient per rekening-courant het Mutatieformulier Rekening-courant ingevuld te worden. Dit formulier wordt met de benodigde bijlagen aan de directeur FEZ aangeboden. Na ondertekening door DFEZ wordt het formulier naar het ministerie van Financiën/RHB gestuurd. Het ministerie van Financiën zorgt dat de mutaties uitgevoerd worden.
Gezien de benodigde verwerkingstijd bij het ministerie van Financiën dient het mutatieformulier zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk 14 dagen voor de datum van ingang, bij het ministerie van Financiën aanwezig te zijn.
Naar bovenEen baten-lastendienst heeft een rekening-courant, een depositorekening en een leenrekening bij het ministerie van Financiën en tenminste één reguliere bankrekening.
Nee, het betalingsverkeer is Europees aanbesteed door het ministerie van Financiën, voor de hele rijksoverheid. Door deze aanbesteding is op dit moment de Rabobank huisbankier voor de baten-lastendiensten.
De door de baten-lastendienst bij het ministerie van Financiën en Rabobank aangemelde tekenbevoegden mogen de rekeningen gebruiken.
Het gebruik van bankrekeningen is te beperken door het instellen van een debetlimiet. De baten-lastendienst bepaalt zelf de hoogte van de debetlimiet. Geadviseerd wordt om de debetlimiet zo vast te stellen dat het normale betalingsverkeer doorgang kan vinden.
De apparaatsuitgaven en -ontvangsten worden afgewikkeld via de bankrekening(en) die in beheer is bij de baten-lastendienst zelf. Voor eventuele programma-uitgaven en -ontvangsten treedt een baten-lastendienst op als extern kasbeheerder voor het ministerie. De hiervoor in gebruik zijnde bankrekening(en) zijn gekoppeld aan de rekening-courant van het ministerie. De baten-lastendienst is gemachtigd om ten laste van deze rekeningen betalingen te verrichten. In een beperkt aantal gevallen is het mogelijk om geen gebruik van de bankrekening(en) te maken, maar direct via een Rijksbetaalstuk de rekening-courant te belasten. Zie hiervoor de Regeling onderlinge betalingen 2003.
De rekening-courant is een rentedragende rekening die een baten-lastendienst aanhoudt bij het ministerie van Financiën. Deze rekening geeft de onderlinge financiële verhouding weer tussen een baten-lastendienst en het ministerie van Financiën. Op deze rekening worden o.a. de mutaties van de bankrekening(en) verwerkt. Dit is de enige rekening die, na saldoregulatie van de bankrekening(en), een saldo heeft.
Gedurende het lopende boekjaar is het mogelijk om onbeperkt roodstand op de rekening-courant te hebben. Het maximum bedrag voor roodstand aan het eind van het jaar is 0,5 miljoen euro.
Saldoregulatie is het saldo van de bankrekening op nul stellen door afroming of aanvulling. Het saldo van de bankrekening gaat, al dan niet via een draairekening, over naar de concernrekeningen van het Rijk.
Een draairekening is een administratieve rekening waarop de saldoregulatie van de verschillende onderliggende bankrekeningen plaats vindt. Het saldo van de draairekening wordt gereguleerd naar de concernrekening van het Rijk.
Een concernrekening, ook wel paraplurekening genoemd, is een rekening van het rijk. Het is een administratieve rekening waarop de regulatie van de onderliggende (draai)rekeningen plaats vindt. Het saldo van de concernrekening wordt gereguleerd naar de schatkistrekening bij De Nederlandse Bank.
De eigen bankrekening(en) van een baten-lastendienst vormt een blok met een eigen draairekening of de bankrekening(en) is gekoppeld aan de draairekening van het Rijk. De bankrekening(en), die de baten-lastendienst gebruikt ten behoeve van een vakministerie, valt onder het concernblok van betreffend ministerie.
De structuur is dat gebruik wordt gemaakt van één rekening-courant, één depositorekening en één leenrekening in combinatie met één of meerdere bankrekeningen.
Voor iedere aanvraag c.q. wijziging dient per bankrekening het rekeningmutatieformulier Rabobank ingevuld te worden. Dit formulier wordt met de benodigde bijlagen aan de directeur FEZ van uw ministerie aangeboden. Na ondertekening door DFEZ wordt het formulier naar het ministerie van Financië n/RHB gestuurd. Het ministerie van Financiën zorgt dat het formulier bij de Rabobank komt.
Gezien de benodigde verwerkingstijd bij het ministerie van Financiën en de Rabobank plus de terugmelding die plaats vindt, dient het mutatieformulier zo spoedig mogelijk, maar het liefst een maand voor de datum van ingang, bij het ministerie van Financiën aanwezig te zijn. Bij een kortere periode wordt wel gestreefd om de mutatie op de gewenste datum te laten ingaan, maar wordt dit niet gegarandeerd.
Voor iedere aanvraag c.q. wijziging dient per rekening-courant het Mutatieformulier Rekening-courant ingevuld te worden. Dit formulier wordt met de benodigde bijlagen aan de directeur FEZ aangeboden. Na ondertekening door DFEZ wordt het formulier naar het ministerie van Financiën/RHB gestuurd. Het ministerie van Financiën zorgt dat de mutaties uitgevoerd worden.
Gezien de benodigde verwerkingstijd bij het ministerie van Financiën dient het mutatieformulier zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk 14 dagen voor de datum van ingang, bij het ministerie van Financiën aanwezig te zijn.
Een baten-lastendienst kan lenen voor de aanschaf van investeringsgoederen.
Als een baten-lastendienst in een jaar wil lenen moeten er leenplafonds per looptijd aangevraagd worden. Dit gebeurt door bij de beleidsbrief van het eigen ministerie, voor betreffend begrotingsjaar, het ingevulde formulier Aanvraagf ormulier leenplafonds baten-lastendiensten als bijlage mee te sturen naar het ministerie van Financiën. Na beoordeling van alle aanvragen zorgt het ministerie van Financiën dat er een voorstel toekenning leenplafonds naar de ministerraad gaat. Na goedkeuring door de ministerraad zijn de leenplafonds vastgesteld.
Een leenplafond is het maximum bedrag dat een baten-lastendienst in een begrotingsjaar mag lenen.
De looptijd is de duur van de lening. Deze komt overeen met de economische levensduur van het met de lening aan te schaffen investeringsgoed.
Betaalbaarstelling van (een deel van) een lening geschiedt niet automatisch. De baten-lastendienst moet zelf het verzoek bij de RHB indienen om (een deel van) de lening betaalbaar te stellen.
De baten-lastendienst vult het formulier Verzoek opname lening baten-lastendienst in en stuurt het elektronisch op naar de RHB.
De standaardbepalingen van een lening zijn geformaliseerd in de Regeling Baten-lastendiensten 2007. De overige bepalingen die leningsafhankelijk zijn, zoals hoofdsom, rentepercentage, datum van ingang en looptijd worden gemeld door middel van een schriftelijke bevestiging.
In het elektronische verzoek tot opname dient de baten-lastendienst een datum van betaalbaarstelling te vermelden. Zodra het verzoek bij de RHB is binnengekomen wordt de lening verwerkt, de schriftelijke bevestiging verstuurd en wordt de lening op de door de baten- lastendienst aangegeven datum betaalbaar gesteld. Een lening kan niet met terugwerkende kracht (ofwel op een datum in het verleden) worden opgenomen.
Het ministerie van Financiën zorgt voor incasso van de rente en aflossing via de rekening-courant, conform de overeengekomen aflossingsdata.
Vervoegde aflossing is mogelijk tegen een boete van 2% van het vervroegd af te lossen bedrag. De boete is niet verschuldigd bij verkoop of verlies van het investeringsgoed.
De rentepercentages worden twee keer per jaar vastgesteld. Op 1 april voor de periode april t/m september en op 1 oktober voor de periode oktober t/m maart. Het rentepercentage van een looptijd is gebaseerd op het effectief rendement op staatsleningen met eenzelfde looptijd. Het te hanteren rentepercentage voor leningen zijn de vastgestelde rentepercentages op de ingangsdatum van de leningen.
De daartoe geautoriseerde baten-lastendienst vraagt een deposito aan via de internetfaciliteit schatkistbankieren. Indien een baten-lastendienst niet geautoriseerd is, wordt een deposito aangevraagd door het invullen van het formulier Plaatsing termijndeposito baten-lastendiensten, waarna dit formulier naar de RHB gemaild wordt. Aanvragen dienen uiterlijk op de dag van gewenste ingang door de RHB ontvangen te zijn.
Voor een deposito is een minimum grens vastgesteld. Dit grensbedrag is 250.000 euro.
De standaardbepalingen van een deposito zijn geformaliseerd in de Regeling Baten-lastendiensten 2007. De overige bepalingen die deposito-afhankelijk zijn, zoals hoofdsom, rentepercentage, datum van ingang en looptijd worden gemeld door middel van een schriftelijke bevestiging.
In het schriftelijke of elektronische verzoek tot plaatsing van het deposito dient de baten-lastendienst een datum van ingang te vermelden. Een verzoek tot plaatsing die voor 12:00 uur op de dag van de gewenste ingangsdatum bij de RHB is ontvangen kan nog die dag ingaan. Verzoeken die na 12:00 uur op de dag van de gewenste ingangsdatum bij de RHB zijn ontvangen gaan de volgende bankdag in. Een deposito kan dus niet met terugwerkende kracht (ofwel op een datum in het verleden) worden geplaatst. De verwerking van deposito's geschiedt op de door de baten-lastendienst aangegeven dag dat het deposito moet ingaan, aangezien het geldende rentepercentage voor het deposito pas dan beschikbaar is. De schriftelijke bevestiging wordt na de verwerking verstuurd en daarmee is het deposito geplaatst.
Het ministerie van Financiën zorgt voor terugstorting van het deposito en voor de rentebetaling, conform de overeengekomen data. Terugstorting en rentebetaling geschiedt op de rekening-courant van de baten-lastendienst.
Het vervroegd opnemen van (een deel van) de in deposito gezette gelden is mogelijk. Dit geschiedt door middel van een elektronisch verzoek bij de RHB uiterlijk 2 werkdagen voor de vervroegde opname. In dit verzoek moet dan het bedrag en de datum van opname worden vermeld. Als een (deel van een) deposito vervroegd wordt opgenomen is een boete verschuldigd van 2% over het vervroegd opgenomen bedrag.
De rentepercentages worden dagelijks vastgesteld. Voor deposito's met een looptijd tot en met 12 maanden geldt euribor -/- 0,25% en is gemaximaliseerd op het effectief rendement op staatsleningen -/- 0,10%. Voor deposito's met een looptijd van 18 maanden of vanaf 2 jaar geldt het effectief rendement op staatsleningen -/- 0,10%.
De actuele rentepercentages staan op de internetsite van het ministerie van Financiën.
Naar bovenDeelnemers aan het schatkistbankieren zijn zelfstandige rechtspersonen. De rekening-courantrelatie tussen een instelling en het ministerie van Financiën wordt vastgelegd in een civielrechtelijke overeenkomst. In deze overeenkomst staat dat het ministerie van Financiën de bij haar in bewaring gegeven liquide middelen steeds op eerste verzoek direct en onvoorwaardelijk ter beschikking stelt aan de instelling. In de theoretische situatie dat het ministerie van Financiën zijn contractuele verplichtingen niet nakomt, kan een instelling dit via de rechter afdwingen.
Slechts voor een klein deel, namelijk dat het voor een instelling niet
meer vrij te kiezen is waar zij haar liquide middelen aanhoudt. Hiervoor is
zij aangewezen op het ministerie van Financiën.
De relatie die een instelling met het ministerie van Financiën aangaat, is
een zuiver bancaire relatie. Het ministerie van Financiën oefent uit dien
hoofde dus ook geen toezicht uit op het betalingsverkeer of op de besteding
van de liquide middelen.
Nee. Het schatkistbankieren richt zich op publieke middelen. Sommige instellingen beheren ook private middelen. Aan het beheer van deze private middelen worden geen eisen gesteld. Het adequaat scheiden van beide middelen is een verantwoordelijkheid van de instelling. Dit kan eventueel ook op basis van een onderbouwde vuistregel. Administratief afgescheiden private middelen dienen niet bij het ministerie van Financiën te worden ondergebracht.
Dat kan, voor zover dit de bancaire relatie met het ministerie betreft en indien aan de voorwaarden is voldaan. Natuurlijk zijn er wel zekerheden ingebouwd. In de eerste plaats moet het voor een instelling zijn toegestaan om te lenen, los van de vraag of er geleend wordt bij het ministerie van Financiën of bij de bank. Als een instelling bij het ministerie van Financiën wil lenen dan moet het vakdepartement een garantstelling afgeven voor de rente en aflossing van de lening of het rekening-courantkrediet. De toetsing van de aanvraag voor een garantie gebeurt dan ook bij het vakdepartement en niet bij het ministerie van Financiën. Voor alle duidelijkheid: het lenen bij het ministerie van Financiën is vrijwillig. Een instelling die mag lenen, kan ook bij een bank lenen.
Ja. Instellingen die voor langere tijd liquide middelen niet nodig hebben voor het uitvoeren van hun publieke taak hebben naast een rekening-courant ook behoefte aan andere producten. Daarom heeft het ministerie van Financiën een breed scala aan termijndeposito's waaruit een instelling de voor haar meest gunstige looptijd kan kiezen. Uiteraard ontvangt een instelling voor haar afgesloten termijndeposito's een aantrekkelijke rente.
Nee, bij deelname aan het schatkistbankieren dient de deelnemende RWT al
haar publieke middelen bij het ministerie van Financiën aan te houden. Er
mogen dus geen publieke middelen meer bij banken worden aangehouden. In het
geval een instelling bij de start van de deelname aan het schatkistbankieren
beschikt over een effectenportefeuille zal deze moeten worden
afgebouwd.
Deelnemers aan het schatkistbankieren zijn zelfstandige rechtspersonen. De rekening-courantrelatie tussen een instelling en het ministerie van Financiën wordt vastgelegd in een civielrechtelijke overeenkomst. In deze overeenkomst staat dat het ministerie van Financiën de bij haar in bewaring gegeven liquide middelen steeds op eerste verzoek direct en onvoorwaardelijk ter beschikking stelt aan de instelling. In de theoretische situatie dat het ministerie van Financiën zijn contractuele verplichtingen niet nakomt, kan een instelling dit via de rechter afdwingen.
Nee. Een onderwijsinstelling kan vrij kiezen waar zij haar liquide middelen aanhoudt. Indien zij er voor kiest om de liquide middelen aan te houden bij het ministerie van Financiën is de relatie die de onderwijsinstelling met het ministerie van Financiën aangaat, een zuiver bancaire relatie. Het ministerie van Financiën oefent uit dien hoofde dus ook geen toezicht uit op het betalingsverkeer of op de besteding van de liquide middelen.
Nee. Het schatkistbankieren richt zich op publieke middelen. Onderwijsinstellingen kunnen ook private middelen beheren. Het adequaat scheiden van beide middelen is een verantwoordelijkheid van de onderwijsinstelling. Dit kan eventueel ook op basis van een onderbouwde vuistregel. Administratief afgescheiden private middelen dienen niet bij het ministerie van Financiën te worden ondergebracht.
Dat kan, voor zover dit de bancaire relatie met het ministerie van Financiën betreft en indien aan de voorwaarden is voldaan. Natuurlijk zijn er wel zekerheden ingebouwd. Als een onderwijsinstelling bij het ministerie van Financi ën wil lenen moet de onderwijsinstelling het recht van eerste hypotheek op haar bestaande onroerend goed en/of nieuwbouwproject(en) verlenen. De toetsing van het maximaal te lenen bedrag wordt vastgesteld op basis van taxatie van het ingebrachte onroerend goed en/of nieuwbouwproject(en). De verstrekking van de lening is maximaal 95% van de executiewaarde op basis van de alternatieve aanwending. Tevens is het mogelijk te lenen op basis van een gemeentegarantie.
Nee. Indien er reeds een hypotheek verstrekt is, geheel of gedeeltelijk, op het pand kan er geen lening gegeven worden door het ministerie van Financiën op basis van dit pand, tenzij er een gemeentegarantie is. Een verstrekte positieve/negatieve hypotheekverklaring is ook een belemmering voor de schatkistlening. De accountmanager neemt graag de mogelijkheid met u door van bijvoorbeeld vervroegd aflossen van uw huidige lening.
Nee. Er worden geen afsluitkosten in rekening gebracht. De kosten verbonden aan de taxatie door de dienst Domeinen en voor het vestigen van de hypothecaire zekerheidsstelling zijn wel voor rekening van de onderwijsinstelling.
Ja. Onderwijsinstellingen die voor langere tijd liquide middelen niet nodig hebben voor het uitvoeren van hun publieke taak hebben naast een rekening-courant ook behoefte aan andere producten. Daarom heeft het ministerie van Financiën een breed scala aan deposito's waaruit een onderwijsinstelling de voor haar meest gunstige looptijd kan kiezen. Uiteraard ontvangt een onderwijsinstelling voor haar afgesloten deposito's een aantrekkelijke rente.
Ja. Een onderwijsinstelling kan een deposito vervroegd opnemen als dit nodig is voor de bedrijfsvoering. Op de vervroegde opnamedatum wordt de marktwaarde van het deposito bijgeschreven op de rekening-courant waarvan het geld oorspronkelijk is overgemaakt. Hiervoor zijn géén kosten of boeterente verschuldigd.
Nee, bij integrale deelname aan het schatkistbankieren dient de deelnemende onderwijsinstelling al haar publieke middelen bij het ministerie van Financiën aan te houden. Er mogen dus geen publieke middelen meer bij banken worden aangehouden. In het geval een onderwijsinstelling bij de start van de deelname aan het schatkistbankieren beschikt over een effectenportefeuille zal deze moeten worden afgebouwd. Indien een onderwijsinstelling kiest voor partieel scahtkistbankieren, dan mag een instelling ook elders publieke middelen aanhouden; maar de leenfaciliteit is dan niet beschikbaar.
Naar boven