RWT’s (rechtspersonen met een wettelijke taak)

De wettelijke regels voor het schatkistbankieren gelden in principe voor elke rechtspersoon met een wettelijke taak (RWT) of met een publieke taak (RPT).

Voor sommige RWT's gelden echter uitzonderingen:

  • De algemene beleidsmatige uitzonderingen (o.a. voor zorgverzekeraars)
  • Uitzonderingen op grond van de (geringe) omvang van de liquide middelen (kleine instellingen)
  • Categoriale uitzonderingen, die betrekking hebben op een specifiek beleidsveld. (o.a. onderwijsinstellingen, musea en justitiële jeugdinrichtingen)

Alle rechtspersonen met een wettelijke taak die niet zijn uitgezonderd vallen aldus onder het schatkistbankieren. Binnen deze wettelijke kaders wordt onderscheid gemaakt tussen grote en kleine instellingen.

RWT's die aan tenminste één van de volgende criteria voldoen, worden beschouwd als grote instellingen:

  • Een bedrag aan publieke inkomsten per jaar van minimaal € 15 miljoen; of
  • Een bedrag aan liquide middelen of beleggingen van minimaal € 1,0 miljoen.

Grote instellingen doen in beginsel verplicht mee aan schatkistbankieren. Kleine instellingen zijn in beginsel uitgezonderd van verplichte deelname. Wel kunnen zij een verzoek indienen tot vrijwillige deelname aan schatkistbankieren.

De kleine RWT's zijn onderworpen aan het verbod op oneigenlijk kasbeheer en aan de regels ter beperking van de risico's van het liquide middelenbeheer.

Het is niet uitgesloten dat er RWT's zijn die tot een van de algemene beleidsmatige uitzonderingen worden gerekend, maar die op grond van eigen overwegingen toch aan het schatkistbankieren willen deelnemen. Indien de minister van Financiën in overeenstemming met de betrokken minister die overwegingen valide acht, kan hij besluiten ook deze RWT's aan te wijzen als deelnemer aan het schatkistbankieren.

Een RWT - groot of klein - die onder de categoriale uitzonderingen valt kan vrijwillig deelnemen aan het schatkistbankieren. De RWT's die onder de categoriale uitzonderingen vallen en niet op vrijwillige basis deelnemen aan het geïntegreerd middelenbeheer, moeten voldoen aan de regels ter beperking van de risico's van het liquide middelenbeheer en het verbod op oneigenlijk kasbeheer.

Bij ministeriële regeling van de minister van Financiën worden de RWT's aangewezen waarop de voorschriften omtrent het middelenbeheer van toepassing zijn. Daarbij worden twee lijsten met RWT's opgesteld. De eerste lijst RWT's (lijst A) heeft betrekking op de RWT's die deelnemen aan het geïntegreerd middelenbeheer. De tweede lijst RWT's (lijst B) heeft betrekking op de RWT's waarvoor, naast het verbod op oneigenlijk kasbeheer, de regels ter beperking van de risico's van liquidemiddelenbeheer gelden. Beide lijsten worden door de minister van Financiën in overeenstemming met de betrokken ministers opgesteld.

Bij deelname aan het schatkistbankieren dient de deelnemende RWT al haar publieke middelen bij het ministerie van Financiën aan te houden. Er mogen dus geen publieke middelen meer bij banken worden aangehouden. In het geval een instelling bij de start van de deelname aan het schatkistbankieren beschikt over een effectenportefeuille zal deze moeten worden afgebouwd.

Richtijn afbouwen beleggingen

Een deelname aan schatkistbankieren kan voor vrijwillige en verplichte RWT's gevolgen hebben voor de rendementen uit beleggingen. Deelname aan schatkistbankieren betekent in beginsel dat alle middelen en beleggingen bij de schatkist worden aangehouden op rekening-courant of in deposito's.

Bestaande beleggingsportefeuilles hoeven niet direct afgestoten te worden. Uitzettingen (beleggingen) die voldoen aan de 'Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden' kunnen worden aangehouden tot het einde van de contractuele looptijd. De middelen die vrijvallen dienen direct in de schatkist te worden aangehouden. Dat geldt ook voor nieuwe overtollige middelen. In de uitzonderlijke situatie dat uitzettingen niet zouden voldoen aan de wettelijke regeling, dienen deze uitzettingen direct te worden afgebouwd om in de schatkist te worden ondergebracht.

Rentetarieven

Voor het cashmanagement van uw organisatie is het van belang dat u tijdig kunt beschikken over de rentetarieven die het ministerie biedt voor uw rekening-courant (indicatief, want het definitieve percentage wordt pas aan het eind van de dag vastgesteld), termijndeposito's en leningen. Deze tarieven worden elke werkdag 's middags rond 13:00 op deze website gepubliceerd.

Betalingsverkeer

RWT's zijn vrij in de keuze van hun huisbankier. Het ministerie van Financiën heeft overeenkomsten gesloten met ABN AMRO Bank, Rabobank, ING Bank, Deutsche Bank, de Nederlandse Waterschapsbank en de Bank Nederlandse Gemeenten waardoor de koppeling tussen bankrekening(en) en de rekening-courant bij het ministerie van Financiën automatisch verloopt (zero-balancing).

Om een goede raming te maken van het verloop van het schatkistsaldo gedurende de dag zelf en de daaropvolgende dagen, is het van belang dat het Agentschap van de Generale Thesaurie over informatie beschikt van alle transacties (individueel of batch) groter dan € 20 miljoen. De betalingen en zover mogelijk de ontvangsten die boven deze grens uitgaan dienen zo snel mogelijk en liefst uiterlijk een dag voor de betaaldatum te worden gemeld via een mail gericht aan ssb.betalingsverkeer@minfin.nl.